Nieuws
 


Bedevaart naar Maria

Kerk

ALGEMENE INFORMATIE van KERK, KAPEL EN PASTORIE.

De informatie die in dit overzicht gegeven wordt, is uit het rapport gehaald van de Rijksdienst voor monumenten zorg.
In augustus 2001 zijn de gebouwen; pastorie-kerk en kapel rijksmonumenten geworden.
De pastorie en de Neo gotische H. Maria Boodschap kerk zijn gebouwd in 1911, beide naar ontwerp van architect Jacques van Groenendael. De O.L. Vrouw van Zegge kapel is in Neo gotische trant gebouwd in 1922, eveneens naar ontwerp van architect Jacques van Groenendael. Bijzonder is de oriƫntering, waardoor de kapel en de kerk in elkaars verlengde staan en het koor van de kerk aan de straatzijde is gesitueerd.

De oudste geschiedenis kent de kapel, die teruggaat tot de vijftiende eeuw. Zegge was als Maria bedevaartsoord nog tot ver in de huidige eeuw van belang.
Een eerdere pastorie werd gebouwd in 1839 en een parochiekerk in 1848, mogelijk omdat Zegge in 1833 een eigen parochie werd. In 1944 bracht een oorlogsactie van Duitse zijde zware schade aan de kerk toe; de toren werd vrijwel geheel opgeblazen en een deel van de kerkgewelven stortte in. De restauratie werd voltooid in 1958. Het complex is van algemeen belang. Het heeft cultuurhistorisch belang als voorbeeld van een geestelijke ontwikkeling, met name de ontwikkeling van het katholicisme in de late negentiende eeuw en de heropleving van bestaande devoties. Het is tevens van architectuurhistorisch belang wegens de plaats in het oeuvre van de architect. Het complex heeft ensemblewaarde vanwege de situering, verbonden met de ontwikkeling van het kerkdorp en vanwege de wijze van inrichting. Het complex is van bijzondere betekenis voor het aanzien van het dorp en vanwege de hoogwaardige kwaliteit van de bebouwing in historisch ruimtelijke relatie tot de wegenstructuur. Het complex heeft een hoge mate van gaafheid.

de kerk

Bijzondere informatie van de kerk.

De R.K. Neo~gotische H. Maria Boodschap werd in 1911 gebouwd naar ontwerp van architect Jacques van Groenendael.
De kerk leed in 1944 ernstige oorlogsschade: de toren werd goeddeels verwoest en gewelven stortten in.
In 1958 was de restauratie voltooid. De restauratie geschiedde grotendeels in de oude trant, maar met wijzigingen bij de toren.

De Kerk ANNO 1938
De kerk anno 1938

De driebeukige kruiskerk met dakruiter heeft een westtoren met vierkante basis en een vijfzijdig gesloten koor van twee traveen geflankeerd door zijkapellen. Het schip telt drie traveen. De gevels zijn opgetrokken uit machinale baksteen met steunberen met afzaten. bruine baksteen wordt afgewisseld door sierbanden in gele baksteen, een rondboogfries en een tandlijst onder de goot. De spitsboogramen zijn voorzien van gele baksteen tracering. Op het zadeldak van het schip, de lessenaardaken van de zijbeuken en de spitsen van toren en kapellen liggen leien in maasdekking. De hoogte en breedte van de ramen varieert naar de locatie ervan. Bij de absis zijn ze hoog en smal, de zijkapellen bij absis en toren hebben kleine lage ramen. De spitsboogramen van de lichtbeuk zijn breder dan die in de zijbeuk. De transepten hebben elk een groot en breed spitsboograam met daarboven een reeks klimmende blinde spitsboogvensters met tracering. De viering is voorzien van een hoge opengewerkte spits.

De kerk ANNO 2005
Kerk interieur ANNO 2005

De hoofdingang van de kerk bevindt zich in de toren. Deze heeft haakse steunberen met afzaat. De eikehouten vleugeldeuren in korfboogvorm hebben zwaar smeedijzeren beslag in symmetrische krulvormen. De ingang, de blinde rondboogarcade en het spitsboograam erboven worden alle omvat door een spitsboogomlijsting van gele baksteen. De bovenste geleding heeft een doorgaande cordonlijst met twee galmgaten, waarboven de sterk ingesnoerde achtzijdige spits. Het klokkegedeelte is bij het herstel van de oorlogsschade sterk vereenvoudigd. De ruimte wordt inwendig verdeeld door zuilen met loofkapitelen en bundelzuilen in de viering. De zuilen zijn uitgevoerd in hardsteen, de kapitelen in zandsteen. De lisenen, schalken en spitsbogen tussen de zuilen alsmede de raamomlijstingen laten de baksteen vrij die overigens verder wit is gepleisterd. De kruisgewelven zijn gemetseld. De lichtbeuk is onder de vensters voorzien van een blind triforium. Direct achter de ingang bevindt zich de smalle spitsbogige orgelgalerij.

Maria Altaar

De kerk bezit diverse fijnzinnig uitgevoerde beelden en altaren, die dateren van kort na de bouwtijd van de kerk. Het meest opvallend zijn het de in laat neo gotische stijl uitgevoerde kalkstenen hoogaltaar in de absis en het St. Jozef en Maria altaar in de zijkapellen. Beide laatstgenoemde sculpturen worden verlicht door de aldaar bewaard, gebleven figuratieve glas in loodramen. Bij het Maria altaar is de eerste steen geplaatst "23 mei 1911". De kalkstenen neo gotische communiebank bij het Jozef altaar komt oorspronkelijk uit een kerk te Ginneken. In de vrijwel ronde ruimte naast de toren is de doopkapel, afgesloten door een smeedijzeren hek. In de kapel is een polychroom beeld van het kind Jezus. Bij de ingang staat een Heilige Familie groep, eveneens gepolychromeerd. Van de andere beelden uit de negentiende en de twintigste eeuw die in het schip staan opgesteld dient een staakmadonna, een H. Aloysius, een H. Hartbeeld van Jezus en een Heilig Hart Maria genoemd te worden. Aan de voorzijde wordt het terrein van de kerk afgesloten door een giet en smeedijzeren sierhek met spijlen en knoppen, daterend uit de bouwtijd. Tevens staat er voor het koor een Heilig Hartbeeld opgesteld. Dit laatste valt buiten de Rijksbescherming.

Mariabeeld in de kerk

De kerk is van algemeen belang. Het gebouw heeft cultuurhistorisch belang als voorbeeld van een geestelijke ontwikkeling, met name de ontwikkeling van het katholicisme in de late negentiende eeuw en de heropleving van bestaande devoties. Het is tevens van architectuurhistorisch belang wegens de plaats in het oeuvre van de architect. Het complex heeft ensemblewaarde vanwege de situering, verbonden met de ontwikkeling van het kerkdorp en vanwege de wijze van inrichting. Het complex is van bijzondere betekenis voor het aanzien van het dorp en vanwege de hoogwaardige kwaliteit van de bebouwing in historisch ruimtelijke relatie tot de wegenstructuur. Het gebouw heeft een hoge mate van gaafheid, ook in het interieur.