Nieuws
 


Bedevaart naar Maria

terug   

Even opfrissen


Op woensdagavond 11 november waren meer dan 30 kosters en acolieten uit de beide regio’s bij elkaar gekomen in de Sint Janskapel te Sprundel. Het doel van deze avond was om elkaar te ontmoeten en om van de pastoor uitleg te krijgen bij de achtergronden van de liturgie in het algemeen en de eucharistie in het bijzonder. Het initiatief tot deze bijeenkomst was genomen in het pastoresoverleg.



Vanaf 19.30 uur was de kapelruimte geopend om onder het genot van koffie en thee elkaar te ontmoeten. Om 20.00 uur opende diaken Jan van Steenoven de formele bijeenkomst en nodigde de aanwezigen uit plaats te nemen in de kapel. Hij deed eerst kort uit de doeken hoe deze nieuwe Sint Janskapel tot stand was gekomen en welke keuzes hieraan ten grondslag hebben gelegen. Vervolgens nodigde hij Pastoor Frans Verheije uit om de vrijwilligers toe te spreken over het belang van een waardige manier van liturgie vieren.


Op luchtige en boeiende wijze vertelde de pastoor over de twee blikvangers die er in elke kerk of kapel aanwezig zijn, namelijk de ambo en het altaar. Beide zijn wezenlijk met elkaar verbonden in het vieren van de eucharistie: de dienst van het Woord en de dienst van de Eucharistie. Ook het belang van het tabernakel en de godslamp en de wijze waarop deze twee met elkaar in verbinding staan, werd door de pastoor belicht.






De pastoor maakte ook duidelijk, dat onze huidige manier van vieren een symbolische verwijzing is naar de sobere wijze waarop de eerste christenen samen aan tafel gingen in de naam van de Heer. Een open schaal doet meer recht aan die soberheid, dan uitbundig versierd vaatwerk. Het zij echter gezegd, dat de geschiedenis van de liturgie laat zien dat elke tijd aan mode onderhevig is en dat soberheid en uitbundigheid elkaar door de eeuwen hebben afgewisseld. Hij memoreerde ook, dat er naast het vieren van eucharistie en het houden van woord-communievieringen, nog een derde vorm van vieren bestaat, die onderbelicht blijft: de woorddienst. Deze vorm van vieren is het waard om verder ontwikkeld te worden.



De pastoor benadrukte ook dat het vieren een tweeledige ontmoeting weerspiegelt, namelijk de ontmoeting met de Heer en de ontmoeting met elkaar als gemeenschap. Hierbij mogen we voor ogen houden, dat Christus zelf onze voorganger is.


De pastoor maakte met verschillende liturgische attributen aanschouwelijk hoe je als koster en acoliet waardig om kunt gaan met het aanbrengen van bijvoorbeeld communieschalen en cibories en hoe de gang naar het tabernakel gemaakt kan worden.


De pastoor hield tevens een pleidooi voor een heilige ruimte die rust uitstraalt en tot meditatie uitnodigt. In sommige kerken en kapellen kunnen in de loop van de tijd zaken verzameld worden, die ervoor zorgen, dat de heilige ruimte door een overdaad aan attributen een onrustig aanzien kan krijgen. Een kerk waar bijvoorbeeld meerdere kruisbeelden bij elkaar geplaatst zijn, kan onrust wekken. Eén kruisbeeld is voldoende.


Doorheen de hele avond werd duidelijk dat kosters en acolieten een verantwoordelijke en belangrijke rol hebben in het faciliteren van mooie en aansprekende liturgie. De pastoor bedankte de kosters en acolieten dan ook voor hun toewijding en inzet en hoopte dat deze avond bijgedragen heeft aan het besef, dat we – onder leiding van de pastoor – samen verantwoordelijk zijn voor het vieren van waardige liturgie. Het is altijd goed om op een avond als deze de gegroeide plaatselijke gewoontes en gebruiken op te frissen door te vertellen over de oorspronkelijke betekenis en symboolwaarde van liturgisch handelen.


Na de inspirerende uitleg van de pastoor, nodigde diaken Jan van Steenoven iedereen uit om in de Trapkes nog wat na te praten en iets te drinken.


Het werd een zeer geslaagde avond.


Geplaatst op: Woensdag, 18 November 2015